Principenota

De principenota geeft aan waarom Marineterrein Amsterdam herontwikkeld wordt, wat de huidige kenmerken van het terrein zijn, wat de ambitie met het terrein is en welke vervolgstappen genomen worden. De principenota vormt de start van de gemeentelijke plan- en besluitvorming.

#Marineterrein

Marineterrein Amsterdam is sinds eeuwen in gebruik bij de Koninklijke Marine en haar voorgangers. In 2015 is Defensie deels vertrokken van het terrein en medio 2018 zullen vrijwel alle overige onderdelen vertrokken zijn. Alleen de landelijke Dienst Personeelslogistiek Defensie blijft op het terrein. Dit betekent dat vanaf medio 2018 vrijwel het gehele terrein, ongeveer 13 hectare, een nieuwe toekomst tegemoet kan gaan.

Hoe Marineterrein Amsterdam er precies uit komt te zien, is nu nog niet bekend. Wél geeft de principenota in hoofdlijnen aan wat voor functie het in de loop der jaren krijgt. De nadruk komt te liggen op innovatieve economie in een combinatie van bedrijfsleven, onderwijs en wetenschap. Vanwege de unieke locatie en de grootst mogelijke toegevoegde waarde die Marineterrein Amsterdam moet hebben voor de (binnen)stad, de regio en Nederland wordt dit de plek waar topinstellingen en internationaal georiënteerde bedrijven innovaties bedenken, testen en toepassen.

Focus op innovatie

De keuze voor innovatie komt voort uit de toenemende betekenis van kennis en creativiteit voor de nationale economie en de werkgelegenheid. Daarnaast blijkt dat innovatie goed gedijt in een binnenstedelijke omgeving. Marineterrein Amsterdam zal het bestaande economisch ecosysteem in de stad, de regio en Nederland versterken.

Interactie

Zo’n omgeving moet veel meer in huis hebben dan alleen adequate bedrijfsgebouwen. Innovatie floreert bij interactie: ontmoetingen van mensen, uitwisseling van kennis en het produceren en toepassen van wat er bedacht wordt. Een aantrekkelijke openbare ruimte, culturele en sociaal-maatschappelijke voorzieningen en diverse faciliteiten om in- en outdoor te kunnen sporten en bewegen, dragen bij aan ontmoeting en interactie. Ook woningbouw hoort in zo’n omgeving.